Van dekkingsgraad naar maatwerk: een nieuw speelveld voor bestuurders

De dekkingsgraad gold jarenlang als de belangrijkste graadmeter voor de financiële gezondheid van pensioenfondsen. Met de invoering van het nieuwe pensioenstelsel verliest deze maatstaf echter zijn centrale rol. Maar hoeveel houvast bood de dekkingsgraad eigenlijk werkelijk? Tijdens een gezamenlijke kennissessie van de teams Actuarieel advies, Bestuursadvies en Juridisch advies wisselden pensioenfondsbestuurders hierover met elkaar van gedachten. Onder begeleiding van Jeroen Beelen, Rabinder Raghoe, Thirsa de Vries en Bart Oldenkamp werd stilgestaan bij de veranderende betekenis van de dekkingsgraad en de bredere uitdagingen van het nieuwe stelsel.
De rol van de dekkingsgraad verandert ingrijpend
Jarenlang fungeerde de dekkingsgraad als heldere graadmeter voor de financiële positie van het fonds. Onder het nieuwe stelsel ontstaat een minder eenduidig beeld. Uitkomsten worden individueler, verschillen tussen deelnemers nemen toe en de directe relatie tussen vermogen en pensioen is complex. Het idee dat één cijfer laat zien hoe een fonds ervoor staat, verdwijnt. Tegelijkertijd klonk in de discussie een duidelijke waarschuwing: romantiseer de dekkingsgraad niet. De maatstaf gaf richting en houvast, maar bleef altijd een versimpelde weergave van een complex geheel. Vooral bij het vergelijken van fondsen of het duiden van resultaten schoot die tekort.
“De dekkingsgraad heeft het denken jarenlang gedomineerd. Onder de Wtp moet het bestuur opnieuw bepalen op basis van welke informatie het stuurt en verantwoordt”, zegt Jeroen Beelen - Senior Manager Actuarieel Advies.
Voor bestuurders heeft dat directe gevolgen. Het collectieve verhaal valt uiteen. Waar zij eerder in algemene termen konden communiceren, vraagt de nieuwe situatie om duiding per deelnemer of per groep. De opgave ligt steeds minder in het meten zelf en steeds meer in het begrijpelijk maken van de uitkomsten. “Communicatie wordt persoonlijk en daarmee ook toetsbaar”, aldus Jeroen. “Je kunt niet meer schuilen achter een algemeen verhaal. Wat je zegt, moet kloppen voor de individuele deelnemer én uitlegbaar zijn in de context van het geheel. Dit stelt hogere eisen aan de kwaliteit, consistentie en onderbouwing.”

Sturen blijft, de spelregels veranderen
Tijdens de brede discussie met de zaal werd duidelijk dat het idee dat bestuurders over minder instrumenten beschikken slechts ten dele juist is. De klassieke instrumenten verschuiven, maar verdwijnen niet. Beleggingsbeleid, kosten en communicatie blijven bepalend. Tegelijk ligt meer vast in het contract en maken fondsen keuzes vaker vooraf. De speelruimte verandert: minder bijsturen achteraf, meer keuzes vooraf vastleggen en die consequent bewaken.
Volgens Rabinder Raghoe - Manager Bestuursadvies & Pensioenbeleid, zit daar de kern van de bestuurlijke verandering: “Besturen verschuift van reageren naar positioneren. Je bepaalt vooraf welke uitkomsten acceptabel zijn en neemt daar verantwoordelijkheid voor. Dat vraagt een andere manier van sturen. Besturen maken scherpere keuzes aan de voorkant, zoeken actiever afstemming met stakeholders en kijken nadrukkelijker naar de effecten voor verschillende groepen deelnemers. Zodra resultaten uiteenlopen, wordt dat spanningsveld direct zichtbaar. Op dat moment wordt duidelijk welke belangen zijn afgewogen en welke keuzes zijn gemaakt.”
Transparantie maakt ook kwetsbaarder
Waar ruimte voor interpretatie afneemt, neemt de transparantie toe. Deelnemers krijgen meer inzicht in hun individuele pensioenvermogen en de ontwikkeling daarvan. Dat leidt tot meer vragen. Verschillen tussen deelnemers worden zichtbaar, terwijl fondsen onderling juist lastiger vergelijkbaar zijn. Deze combinatie zorgt voor frictie. Vergelijkingen blijven ontstaan, ook wanneer zij een onvolledig of vertekend beeld geven. Daarmee groeit de kans op misinterpretatie en neemt de druk toe om helder uit te leggen wat er gebeurt.
“Deelnemers gaan dezelfde vraag stellen: waarom pakt mijn pensioen anders uit dan dat van een ander?” zegt Thirsa de Vries - Manager Juridisch Advies. “In het nieuwe stelsel is pensioen geen standaarduitkering, maar een individueel opgebouwd resultaat dat per deelnemer verschilt. Daardoor kunnen uitkomsten uiteenlopen, ook bij vergelijkbare verwachtingen. De bestuurlijke uitdaging is om deze verschillen niet alleen te managen, maar vooral ook transparant en begrijpelijk te maken voor deelnemers.”
Daarnaast neemt de impact van fouten toe. Afwijkingen in administratie of uitvoering zijn direct zichtbaar en werken door op individueel niveau. Dat stelt hogere eisen aan de hele keten, van uitvoering tot communicatie. “Daarmee ligt de lat voor uitvoering en communicatie aantoonbaar hoger”, aldus Thirsa.

Houvast in onzekere tijden
Uit de discussie onder pensioenfondsbestuurders komt één duidelijke conclusie naar voren: de vraagstukken verdwijnen niet, ze veranderen van aard. Minder nadruk op één dominante indicator, meer aandacht voor verschillen, onzekerheid, evenwichtigheid en verwachtingen. De grootste opgave zit niet in het model of de regeling zelf, maar in de uitlegbaarheid. Hoe maak je inzichtelijk wat er gebeurt als uitkomsten per deelnemer uiteenlopen? En hoe behoud je vertrouwen in een systeem zonder eenduidige antwoorden?
Zoals Jeroen, Rabinder én Thirsa het gezamenlijk samenvatten: “Bestuurders krijgen te maken met uitkomsten die uiteenlopen. Dat maakt draagvlak en uitleg onderdeel van het besluit zelf. In een tijd waarin onzekerheid de constante is, begint daar het nieuwe besturen.”
De belangrijkste aandachtspunten en inzichten uit de discussie op een rij:
1. Eén graadmeter volstaat niet meer
De dekkingsgraad verliest zijn rol als allesbepalende indicator. Bestuurders moeten leren sturen op meerdere inzichten en accepteren dat de financiële positie van een fonds niet langer in één cijfer is samen te vatten.
2. De bestuursrol verschuift van reageren naar regisseren
De nieuwe spelregels vragen om keuzes aan de voorkant. Besturen bepalen vooraf welke uitkomsten acceptabel zijn, leggen die vast en nemen verantwoordelijkheid voor de gevolgen. Dat vraagt om een andere bestuursstijl.
3. Vertrouwen ontstaat door goede uitleg
Meer transparantie maakt verschillen tussen deelnemers zichtbaar. Juist daarom worden communicatie, uitvoeringskwaliteit en uitlegbaarheid bepalend voor het vertrouwen in het pensioenfonds.

Samen navigeren in een veranderend pensioenlandschap
Deze kennissessie maakte deel uit van het Achmea Zomerevent, waar institutionele klanten van Achmea elkaar ontmoeten om kennis en ervaringen uit te wisselen. De sessie bracht bestuurders en pensioendeskundigen van verschillende pensioenfondsen samen. Tegen de achtergrond van het thema 'Navigeren in onzekere tijden' stond één vraag centraal: hoe kunnen pensioenfondsen effectief omgaan met de onzekerheden binnen het nieuwe pensioenstelsel? Bent u benieuwd wat deze ontwikkelingen voor uw pensioenfonds betekenen? Onze specialisten sparren graag met u over de vraagstukken, uitdagingen en verwachtingen rondom het nieuwe pensioenstelsel. Neem contact op met Jeroen, Rabinder of Thirsa voor een persoonlijk gesprek. Samen verkennen we hoe onze expertise op het gebied van actuarieel, bestuurskundig en juridisch advies uw fonds kan helpen de uitdagingen van vandaag én morgen het hoofd te bieden.